Het probleem van het thuisland van Afro-Aziatisch (1)

In de wereld zijn er slechts een klein aantal grote taalfamilies. In Afrika zijn er bijvoorbeeld vier, Khoisan, Nilo-Saharaans, Niger-Kongo en Afro-Aziatisch. In Europa drie en als je de Zuid-Kaukasus meerekent vier.

Afro-Aziatisch is de taalgroep waarbij b.v. de Semitische talen gerekend worden waarbij Arabisch, Hebreeuws, Aramees enzovoort horen. In Noord-Afrika horen daar het oude Egyptisch of Koptisch bij en de verschillende Berbertalen die gesproken werden tussen oases in Oost-Egypte en Marokko. Toeareg is ook een berbertaal. Een van de vragen i.v.m. Afro-Aziatisch, is waar het ontstond. Onderzoekers verschillen op dit punt sterk van mening. Sommigen denken dat het in het oosten van de Sahara was, anderen in Oost-Afrika, Egypte of Zuidwest-Azië.

De vraag is interessant i.v.m. het ontstaan en de verspreiding van de landbouw. Ontstond deze onafhankelijk in Oost-Afrika of werden landbouw en veeteelt ook hier overgenomen van Zuidwest-Azië waar de landbouw eerst ontstond, 13.000 jaar geleden? Er werden veel Afrikaanse planten gedomesticeerd in Oost-Afrika zoals ensete (een wortel), teff (een graan), en noog (oliehoudende plant). De ezel werd er ook gedomesticeerd. Er werden weinig Zuidwest-Aziatische planten geteeld, maar wel tarwe en gerst. Zuidwest-Aziatische dieren die er gekweekt werden waren schapen, geiten en runderen. Het is echter niet duidelijk of het Oost-Afrikaans pakket er eerder was dan dat uit Zuidwest-Azië. Indien we zouden weten waar Afro-Aziatisch ontstaan was zou dat kunnen bijdragen aan de oplossing van de vraag of landbouw en veeteelt zelfstandig ontwikkeld werden in Oost-Afrika.

In Afrika komen verschillende grote groepen van Afro-Aziatisch voor: Tsjaads in Centraal-Afrika, Omotisch, Koesjitisch en Beja in Oost-Afrika. Deze groepen tellen elk tientallen tot meer dan 200 talen. Deze talen verschillen vaak zeer sterk van elkaar en dat wijst op een zeer grote ouderdom. Deze Afrikaanse talen van Afro-Aziatisch verschillen onderling meer dan het Semitisch dat in Azië gesproken werd maar ook in Ethiopië en Eritrea. Niemand twijfelt dat Semitisch daar werd ingevoerd uit Jemen. De hypothese dat Afro-Aziatisch in Oost-Afrika is ontstaan is in de eerste plaats gebaseerd op de vaststelling dat de in Centraal- en Oost-Afrika gesproken talen een veel grotere verscheidenheid en dus ouderdom hebben.

De taalkundigen die deze stelling huldigen verbinden deze ontwikkeling echter nauwelijks of niet met wat uit de geschiedenis geweten is. Waarom zou Afro-Aziatisch zich van hieruit naar Noord-Afrika en Zuidwest-Azië verspreid hebben? Zo’n grote uitbreiding kan geen toeval geweest zijn. Ze moest gebaseerd zijn op voordelen: verder ontwikkelde technieken, grotere nataliteit, betere organisatie, beter wapens. Niets van deze punten kan aangegeven worden voor een mogelijke uitbreiding uit Oost-Afrika.

Vandaag beschikken we ook over DNA-analyses die de grote migraties van mensen duidelijk maken. Er is nauwelijks of geen Oost-Afrikaans DNA in het verleden in Zuidwest-Azië terecht gekomen. Dat is wel het geval in Egypte en Jemen maar in beide gevallen is het duidelijk dat dit recent, voornamelijk de afgelopen drieduizend jaar is gebeurd. Het omgekeerde is wel waar. Zuidwest-Aziatisch DNA kwam in Oost-Afrika terecht en verspreidde zich tot in West-Afrika. (Dit laatste punt moet ik beslist verder uitwerken.) (Zie verder deel twee)

Marc.Vermeersch@gmail.com

Andere blogs over taal?
Het probleem van het thuisland van Afro-Aziatisch (1) Afro-Aziatisch
Het probleem van het thuisland van Afro-Aziatisch (2) en het ontstaan van de landbouw
Het probleem van het thuisland van Afro-Aziatisch (3) reizende genen
Over Etruskisch:
De oorsprong van de Etrusken
Over Turks en Japans:
Een verband tussen Turks en Japans
Over paleosiberische talen waaronder Tsjoektsjisch:
De domesticatie van wilde dieren (10 a) het rendier  bij de Tsjoektsjen
Over Altaïsche talen, Aino, Japans en paleo-siberisch:
Aino, Japans, Paleosiberische talen en meer (1) Aino

In: Marc Vermeersch,
De geschiedenis van de mens. Deel I, Jagers en verzamelaars.
Boek 2, de maatschappij van jagers en verzamelaars, 472 pagina’s.
vindt u 15 bladzijden over:
De grote taalgroepen in de wereld: p.365-379.
o.a.  de oudste (klik)talen, Dravidisch, Inuit-Aleoet, Amerind, Fins-Oegrisch, Baskisch enzovoort.

Advertisements

Over marc vermeersch

Sedert 2002 werk ik aan een "geschiedenis van de mens". In 2008 verschenen twee boeken over jagers en verzamelaars. in 2012 verscheen het boek van mijn doctoraat. Boek 3 over het ontstaan van landbouw en veeteelt in Zuidwest-Azië verscheen in oktober 2014. De volgende jaren werk ik aan Boek 4 over landbouw en veeteelt in China, Amerika en Nieuw-Guinea.
Dit bericht werd geplaatst in Afro-Aziatisch, landbouw en veeteelt, prehistorie, taal en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s