De oorsprong van de Etrusken

Kaart van Etrurië, het land van de Etrusken

Kaart van Etrurië, het land van de Etrusken

De oosprong van de Etrusken is een van de grote raadsels van de geschiedenis. De taal werd in Etrurië, Italië, tot de eerste eeuw VOT gesproken.
Voor een goed overzicht moeten we ver teruggaan in de tijd. Italië werd na 35.000 jaar geleden bevolkt door Homo sapiens die er de neanderthaler verving. De huidige Italianen moeten voor een groot deel, of het grootste deel, van deze mensen afstammen. De tweede grote volksverhuizing van moderne mensen in Europa was deze die gepaard ging met de verpreiding van landbouw en veeteelt. De bron daarvan lag in Zuidoost-Anatolië. Via de zee en via de Bosporus bereikten boeren Griekenland rond 7000 VOT (Voor Onze Tijd). Hun nakomelingen staken de bergen over naar de Dalmatische kust en daar ging het rond 6500 VOT opnieuw in twee richtingen verder. Over zee naar Zuid-Italië en langs de kusten naar het noorden, de Po-vlakte en van daar naar Etrurië dat ongeveer samenvalt met het huidige Toscane. Werd Etrurië eerst bereikt door de boeren die de Po-vlakte hadden bereikt of door boeren die van Zuid-Italië de Thyrreense Zeekust hadden bereikt en op hun beurt noordwaarts trokken? Momenteel is daar geen duidelijk antwoord op te geven.

Rond 6000 VOT moeten boeren in Etrurië goed ingeplant geweest zijn. De landbouw en veeteelt die zich uit Anatolië naar Europa verspreidde was een compleet pakket dat gedurende duizenden jaren ontwikkeld was en een grote performantie had gekregen. Boeren konden op een zelfde oppervlakte veel meer mensen voeden, ze breidden zich snel uit. Jagers en verzamelaars die in Italië leefden zullen zich voor een deel aan de nieuwkomers aangepast hebben. Hoe sneller ze landbouw en veeteelt overnamen, des te sterker hun genen en hun taal zou kunnen bewaard gebleven zijn.

Taal

Het is mogelijk, maar niet zeker, dat Anatolische boeren hun taal in Italië verspreidden. Dat wil niet zeggen dat hun taal altijd en overal die van jagers en verzamelaars verving. In Sumer nam men de Anatolische landbouw en veeteelt over maar behield men zijn eigen taal. In Elam (West-Perzië) behield men Elamitisch, in de Kaukasus de Kaukasisiche talen. Het was dus niet zeker dat de zich verspreidende boeren overal hun Anatolische taal zouden kunnen laten overnemen. Was die Anatolische taal dan geen proto-Indo-Europees? Dat is één theorie (o.a. van Colin Renfrew et alii). Een andere is van Maria Gimbutas die stelt dat Indo-Europees ten noorden van Zwarte Zee werd ontwikkeld. Twee andere taalfamilies wisten de expansie van landbouw en veeteelt te overleven: de Fins-Oegrische talen en de Baskische talen, waarbij Aquitaans hoort. Etruskisch is dus mogelijk een taal die net als het Baskisch de invoer van de landbouw doorstond, een taal die van Etruskische jagers en verzamelaars werd doorgegeven tot de Indo-Europeanen (w.0. de voorouders van de Romeinen) in Italië aankwamen of het is een taal van de nakomelingen van Anatolische boeren? Etruskisch is geen Indo-Europese taal. Is ze uit Anatolië afkomstig, dan werd daar zo goed als zeker geen Indo-Europees gesproken.

De kans dat Etruskisch uit Griekenland zou komen en daar door inwijkende Anatolische boeren van jagers en verzamelaars zou overgenomen zijn is bijzonder klein. Er leefden weinig jagers en verzamelaars in Griekenland. De eerste boeren die er aan kwamen vermenigvuldigden hun aantal snel. Weinig kans dat ze hun taal zouden zien verdwijnen hebben.

Veel onderzoekers zien overeenkomsten tussen een oude taal die op het eiland Lemnos in de Egeïsche Zee werd gesproken en Etruskisch. Eilanden zijn goed plaatsen om oude toestanden, zoals een taal, te bewaren. “Het enige vergelijkingspunt vormt de tekst op de zgn. Stele van Lemnos. Of we hier echter kunnen spreken van de taal “Lemnisch” is verre van zeker, want die stele — gevonden in Kaminia — is, op enkele stukken van eigennamen op vaasscherven na, de enige tekst die we bezitten in het “Lemnisch”. Wel stellen we vast dat de gebruikte namen, grammaticale uitgangen en telwoorden in de tekst inderdaad bijzonder Etruskisch aandoen. Als eenvoudig voorbeeld volstaat het een leeftijdsaanduiding te citeren: de tekst van Lemnos spreekt over iemand die “sivai avis šialchvis”, waarvoor in het Etruskisch de parallelle formule “zivas avil šealchls” bestaat (“leefde 40/60 jaar”). Het is dan ook geopperd dat het “Lemnisch” geen aparte taal zou zijn, maar een lichtjes afwijkende vorm van het archaïsch Etruskisch. Niet alle geleerden zijn het daar echter over eens. Het is ook mogelijk dat het “Etruskisch” van Lemnos en het Italische Etruskisch al uit elkaar gegroeid waren voor de introductie van het alfabet, dat door beide “soorten” Etrusken onafhankelijk van elkaar zou gebeurd zijn, wat de verschillen in lettertekens, lettervormen en woordvormen zou kunnen verklaren.” (Wikimedia)

Wat zegt het DNA?

Het mannelijk DNA of de Y-chromosomen van de Etrusken verschilde in zeke re mate van de bevolking van de hen omringende gebieden.  “The samples from Tuscany show eastern haplogroups E3b1-M78, G2*- P15, J2a1b*-M67 and K2-M70 with frequencies very similar to those observed in Turkey and surrounding areas, but significantly different from those of neighbouring Italian regions.”[1] Met andere woorden er was Turks (de Turken zouden zich daar de volgende duizenden jaren niet laten zien, mais passons) of Anatolisch mannelijk DNA in Etrurië. Dit was veel minder het geval na het jaar 1000. Men leidt daar uit af dat er tamelijk grote veranderingen in de Romeinse tijd waren die homogenisering als gevolg hadden.[2]
Een gedeeltelijke oorsprong voor vrouwelijk DNA of mtDNA uit Anatolië is eveneens vastgesteld.
Analysis of the maternally inherited mtDNA, which, in the case of Etruria, is probably the most appropriate tool for evaluation of genetic continuity between Etruscans and modern Tuscans, places Murlo close to Near Eastern populations because of an unusually high frequency (17.5%) of Near Eastern haplogroups (HV, R0a, U7, and U3). Moreover, this allocation cannot be explained by genetic drift, since each of these haplogroups is represented by several different haplotypes. Finally, 5.3% of the haplotypes observed in Tuscany—all occupying terminal positions in the phylogeny—are found elsewhere only in Levantine populations.(…)” Een aanzienlijk deel van de vrouwelijke genen komen ook het Nabije Oosten, redelijkerwijze mogen we aannemen dat dit ook uit Anatolië is.[3] 

Voorlopig besluit

Er is een taalkundige link tussen de Etrusken en Lemnos in de Egeïsche Zee en er is een genetische link tussen Etrurië en Anatolië. De taalkundige link zou als volgt kunnen verklaard worden: Anatolische boeren trokken uit het hedendaags Turkije weg naar Europa. Zij zullen onvermijdelijk hun taal meegenomen hebben. Zij hadden veel meer kinderen dan jagers en verzamelaars. In Griekenland weten we uit archeologische vondsten dat er weinig jagers en verzamelaars woonden. De kans is dus groot dat deze Anatolische boeren daar hun taal in stand konden houden ze over of rond de Adriatische Zee naar Italië brengen.

Er zijn andere mogelijkheden. Mensen zouden over Zee na de invoering van landbouw en veeteelt een taal uit de Egeïsche Zee hebben kunnen meenemen. Het Etruskisch verhaal over Aeneas die na de val van Troje naar Etrurië trok kan op waarheid gebaseerd zijn maar er moeten veel migranten zijn en liefst nieuwe superieure technieken voorhanden zijn om in een vreemd land een nieuwe taal ingang te laten vinden. Dit zou ongeveer op het tijdstip moeten gebeurd zijn dat de Indo-Europeanen Italië binnen vielen, rond 1200 VOT.

Blijft de mogelijkheid dat Etruskisch de taal was van Toscaanse jagers en verzamelaars. Mogelijk maar dan kan de stèle van Lemnos niet verklaard worden. Deze mogelijkheid lijkt minder waarschijnlijk.

Is Etruskisch een dochter van de taal van de eerste Zuidoost-Anatolische boeren van de mensheid? Niet zeker, maar er is vandaag geen betere kandidaat.

Marc.vermeersch@gmail.com

[1] A. Piazza et al., Origin of the Etruscans: novel clues from the Y chromosome lineages
[2] Guimaraes S. Et al., Genealogical discontinuities among Etruscan, Medieval, and contemporary Tuscans, Mol Biol Evol. 2009 Sep;26(9):2157-66, Epub 2009 Jul 1.
[3]
Alessandro Achilli et al., Mitochondrial DNA Variation of Modern Tuscans Supports the Near Eastern Origin of Etruscans, Am J Hum Genet. 2007 April; 80(4): 759–768.
Gelijkaardige blog :  De oorsprong van de Ieren.
De oorsprong van de Ieren

Lemnos. Lemnisch was een zustertaal van Etruskisch.

Lemnos. Lemnisch was een zustertaal van Etruskisch.

Andere blogs over taal?
Het probleem van het thuisland van Afro-Aziatisch (1) Afro-Aziatisch
Het probleem van het thuisland van Afro-Aziatisch (2) en het ontstaan van de landbouw
Het probleem van het thuisland van Afro-Aziatisch (3) reizende genen
Over Etruskisch:
De oorsprong van de Etrusken
Over Turks en Japans:
Een verband tussen Turks en Japans
Over paleosiberische talen waaronder Tsjoektsjisch:
De domesticatie van wilde dieren (10 a) het rendier  bij de Tsjoektsjen
Over Altaïsche talen, Aino, Japans en paleo-siberisch:
Aino, Japans, Paleosiberische talen en meer (1) Aino

In: Marc Vermeersch,
De geschiedenis van de mens. Deel I, Jagers en verzamelaars.
Boek 2, de maatschappij van jagers en verzamelaars, 472 pagina’s.
vindt u 15 bladzijden over:
De grote taalgroepen in de wereld: p.365-379.
o.a.  deoudste (klik)talen, Dravidisch, Inuit-Aleoet, Amerind, Fins-Oegrisch, Baskisch enzovoort.

Advertenties

Over marc vermeersch

Sedert 2002 werk ik aan een "geschiedenis van de mens". In 2008 verschenen twee boeken over jagers en verzamelaars. in 2012 verscheen het boek van mijn doctoraat. Boek 3 over het ontstaan van landbouw en veeteelt in Zuidwest-Azië verscheen in oktober 2014. De volgende jaren werk ik aan Boek 4 over landbouw en veeteelt in China, Amerika en Nieuw-Guinea.
Dit bericht werd geplaatst in DNA, Etrurië, Etruskisch, Griekenland, Indo-Europees, Indo-Europees, Italië, landbouw en veeteelt, Middellandse Zee, mtDNA, taal, verspreiding van l&v, Y-chromosoom. Bookmark de permalink .

14 reacties op De oorsprong van de Etrusken

  1. francis heselmans zegt:

    Heb mijn reactie net gegeven via een andere weg. Kijk wel uit naar deel 3. De laatste druk van The Cambridge…dateert tenslotte toch al van eind jaren zeventig. Ben zeer nieuwsgierig.
    Nogmaals hartelijk dank voor al het mooie werk.

  2. Meurten zegt:

    Ik heb toch steeds de opinie aangenomen dat de Etrusken de “natuurlijke erfgenamen” van de Villanova cultuur zijn. Belangrijkste motivering hiervoor is dat “onder” elke Etruskische stad een villanova-dorp aanwezig was en dat er geen aanwijzing is voor een “massale” inwijking ten tijde van de opkomst van de Etrusken…

    Misschien verdedig ik hier een ondertussen reeds lang verworpen veronderstelling, maar werd de these van de Oosterse immigratiegolf niet vervangen door de these dat de Etrusken afstammen van de aanwezige stenen-tijdperk-bevolking op het Italisch schiereiland? Is de Etruskische cultuur niet hoofdzakelijk het resultaat van toenemende contacten tussen de Villanova-volkeren en de pas opgerichte steden van Magna Graeca?

    • De Villanovacultuur komt inderdaad voor de Etruskische. Somiige onderzoekers beschouwen ze als de eerste fase van de Etruskische cultuur.
      De Etrusken stammen af van de eerste moderne mensen (Homo sapiens) in Italië van voor 30.000 jaar geleden én van inwikelingen uit Anatolië rond 6500 – 6000 VOT. DNA-onderzoek bewees dat.
      De Etruskische cultuur was zeker schatplichting aan de Griekse steden in Italië.

      • Wim zegt:

        Ok, volledig akkoord… Maar de eerste sporen van de “Etruskische cultuur” (als dominante factor in Midden-Italië) dateren van 800 à 700 VOT … m.a.w. 5000 jaar na hun “inwijking” in Italië… Het is dus weinig zinvol om te spreken over een Etruskische inwijking in Italië… de “cultuur” van de Etrusken (en dan vooral hun technische superioriteit op vlak van bouwkunde, metallurgie, …) heeft zich voornamelijk in Italië zelf ontwikkeld, door contacten met de Griekse steden in Zuid-Italië en met Carthago.

        Hoe dan ook is de “oorsprong” van de Etrusken een razend boeiend thema!!

      • Peter De Reijke zegt:

        Ik blijf toch zeer betwijfelen of de “inwijking” van de proto-Etrusken in Italië zover teruggaat als u stelt. Er is meer voor te zeggen dat de Etrusken pas omstreeks 1200 voor Chr. Toscane e.o bereikten, niet eerder. Zij vluchtten voor misoogst en geweld uit hun thuisland Anatolië, zoals reeds Herodotus beweerd had. Vanaf 1200 v. Chr. passeerden ze eerst de Villanovafase, om rond 800 v. Chr. hun culturele bloei te bereiken, zeker ook dankzij leerervaringen opgedaan in contacten met de Griekse steden in het Zuiden.

        De Etruskische taal was een vertegenwoordiger van een groep talen die we het beste Egeïsche talen kunnen noemen. Volgens Joseph Greenberg waren deze (nu geheel uitgestorven) talen een tak van het zg. Euraziatisch, dat zich op zijn beurt na de neolithische revolutie in de Levant en de Vruchtbare Halve Maan had afgescheiden uit het Nostratisch. Later zouden zich nog van het Euraziatisch afzonderen de Altaïsche, de Oeralische en tenslotte de Indo-Europese talen. De “Egeïers” isoleerden zich van de overige Euraziaten door op de westelijke flank van Anatolië plaats te nemen. Ze vestigden zich ook in Griekenland, op de Griekse eilanden waaronder Lemnos, en op de eilanden Cyprus en Kreta. In het Grieks van Homeros kwamen nog substraatelementen van de oude Egeïsche taal voor.

        In het algemeen lijkt het mij niet raadzaam, aan te nemen dat “Anatolische boeren” al zo’n 8000 jaar geleden de landbouw naar Europa zouden hebben gebracht, en dat dan vanuit Anatolië via de Bosporus naar de Balkan. Daar zijn geen aanwijzingen voor. De Indo-Europese invasie bracht de landbouw naar Europa, maar deed dat pas nadat de Indo-Europeanen zich eerst hadden losgemaakt van Anatolië, ca. 9000 jaar geleden, en vervolgens een eeuwenlange omzwerving hadden gemaakt rondom de Kaspische Zee. Nadat ze deze route hadden afgelegd kwamen ze in de laagvlakten ten Noorden van de Kaspische Zee en tussen de Kaspische en de Zwarte Zee terecht. Pas daarna vielen ze verder uiteen in proto-Grieken, proto-Illyriërs, proto-Balto-Slaven, proto-Kelten, proto-Romanen, proto-Germanen etc.. Dus vanuit Zuid-Oost-Rusland is de invasie van de “boeren” op gang gekomen, niet via de Balkan. En in dit hele complexe invasieproces speelden de Etrusken geen rol. Het Etruskisch is dus zeker geen dochter van de taal van de eerste Zuid-Oost-Anatolische boeren.

      • De mogelijkheid die ik opper, dat Etruskisch uit Anatolië zou kunnen afkomstig zijn en zich met de landbouw verspreidde, wordt alvast niet tegengesproken door de teorie over de Tyrreense talen, in 1998 voorgesteld door Helmut Rix. Op http://en.wikipedia.org/wiki/Tyrsenian_languages staat een kaart waar Tyreense talen gesproken werden: in een gebied van de oostelijke Alpen, tot Zuid-Duitsland, Etrurië, Oost-Sardinië, de omgeving van Napels en het eiland Lemnos. De meest eenvoudige verklaring zou zijn dat dit de taal was van de eerste boeren die Anatolië verlieten en de landbouw in Europa verspreidden.
        De theorie over de Egeïsche talen omvat de oudst bekende taal van Cyprus, Kreta maar ook Filistijns (kust van Kanaan) én de Tyrreense talen. Om het bestaan en de verspreiding van de Egeïsche talen te verklaren is de thesis dat ze verspreid werden met de landbouw de eenvoudigste en de meest voor de hand liggende. Landbouw bereikte b.v. eerst Cyprus buiten Azië. De oudste sites van boeren op het Europees vasteland als: Sesklo in Thessalië, Nea Nikomedeia in Grieks Macedonië, De Franchti Grot (in Argolid) zijn tot 9000 jaar oud. Meer daar over in mijn derde boek over het ontstaan van landbouw en veeteelt.

        Ingaan over het thuisgebied van Indo-Europees zou hier te ver leiden, ik kom er ooit op terug.

      • Peter De Reijke zegt:

        Nee, het gaat veel te ver om te stellen dat de Etrusken afstammen van de eerste vertegenwoordigers van homo sapiens in Italië van > 30.000 jaar geleden. De Etrusken zijn omstreeks 1200 voor Chr. in Italië aangekomen vanuit westelijk Anatolië, vermoedelijk het noordwestelijk gebied. Beekes is daar zeer overtuigend over, zie http://www.knaw.nl/Content/Internet_KNAW/publicaties/pdf/20021051.pdf. Marc Vermeersch zou moeten afstappen van het axioma dat de landbouw meer dan 6000 v. Chr. massaal naar Europa werd geëxporteerd vanuit Anatolië. Er zijn rond die tijd zeker Anatolische expansies van de landbouwtechnologie geweest, maar eerder naar de Balkan en Hongarije dan naar Italië. De grootschalige import van landbouwtechnieken in Midden- en West-Europa en ook in italië was pas het werk van de Indo-Europese inwijkelingen, die uit Zuid- en Midden-Rusland kwamen. Hun oorsprong ligt overigens ook in Anatolië, maar zij maakten van 120000 tot 9000 jaar geleden eerst een grote omzwerving oostwaarts en noordwaarts langs de Kaspische Zee.

  3. Toscaan zegt:

    Is er een verband tussen de Etrusken en de Minoische beschaving ?

  4. Er is geen direct verband. De Minoïsche beschaving bloeide van ca. 3300 VOT (Voor onze tijd) tot 1400 VOT. De Etruskische beschaving begon pas te bloeien na het jaar 1000 VOT. Indien men verder zou terug gaan dan zou men zeker vast stellen dat in beide gebieden de landbouw ingevoerd werd door boeren die oorspronkelijk in Zuidoost-Anatolië (Turkije) vertrokken waren. Indien men er ooit in zou slagen Minoïsch (geschreven in Lineair A-schrift) te ontcijferen dan zou men waarschijnlijk veel meer weten over de oorsprong van de Minoïsche beschaving.

  5. Toscaan zegt:

    Waren er bij de Romeinen, die Gallia Belgica destijds binnenvielen, ook soldaten of militairen van Etruskische afkomst ?

    • Waarde,
      het antwoord op uw vraag ken ik niet. Italië was toen reeds een tijd eengemaakt en de Etrusken waren kort na 300 VOT opgegaan in het Romeinse rijk. Het zou mij verwonderen mocht er geen soldaten van Etruskische afkomst meegevochten hebben met Caesar.

  6. Johnny Couck zegt:

    Ten eerste wens ik u en uw familie een voorspoedig en gezond 2012.

    Was het Etruskisch een agglutinerende taal ?

    Groetjes.

    • Waarde,
      Volgens de Engelse wikipedia, onder het trefwoord ‘Etruscan language” is Etruskisch een agglutinerende taal.
      “Unlike the Indo-European languages, Etruscan noun endings were more agglutinative, with some nouns bearing two or three agglutinated suffixes. For example, where Latin would have distinct nominative plural and dative plural endings, Etruscan would suffix the case ending to a plural marker: Latin nominative singular fili-us, “son”, plural fili-i, dative plural fili-is, but Etruscan clan, clen-ar and clen-ar-aśi.[44] Moreover, Etruscan nouns could bear multiple suffixes from the case paradigm alone: that is, Etruscan exhibited Suffixaufnahme. Pallottino calls this phenomenon “morphological redetermination”, which he defines as “the typical tendency … to redetermine the syntactical function of the form by the superposition of suffices.”[45] His example is Uni-al-θi, “in the sanctuary of Juno”, where -al is a genitive ending and -θi a locative.”
      De oorsprong van de taal lijkt dus relatief ver verwijderd van de Indo-Europese talen. Turks, afkomstig uit Centraal-Azië, is ook agglutinerend. Georgisch (niet Indo-Europees) heeft sterk agglutinerende kenmerken.
      Zie ook op de Engelse Wikipedia bij “Agglutinative language”.

  7. Johnny Couck zegt:

    Op Wikipedia wordt vermeld dat de Etrusken uit Karië zouden afkomstig zijn, een landstreek in het zuidwesten van Klein-Azië. De Kariërs zouden een taal gesproken hebben dat verwant zou zijn aan het Etruskisch. Bent u het daarmee eens ? En, indien het zo zou zijn, dan zouden de Etrusken dan toch verwanten zijn van de dragers der Minoische beschaving, zoals ik al eerder aanhaalde ?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s