Bespreking van ‘het verhaal van Vlaanderen’ aflevering 4, over de Gulden Sporenslag

In de vierde aflevering van (het verhaal van Vlaanderen’ wordt gesproken over patriciërs. Die term is m.i. te vaag.

Een weefstoel

In mijn eerste blog over ‘klassenstrijd in Vlaanderen’ schreef ik: “𝐕𝐚𝐧 𝐢𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐛𝐞𝐠𝐢𝐧 𝐛𝐞𝐬𝐭𝐨𝐧𝐝 𝐢𝐧 𝐝𝐞 𝐬𝐭𝐞𝐝𝐞𝐧 𝐞𝐞𝐧 𝐠𝐫𝐨𝐞𝐩 𝐛𝐮𝐫𝐠𝐞𝐫𝐬 (𝐨𝐟 𝐩𝐨𝐨𝐫𝐭𝐞𝐫𝐬, 𝐨𝐨𝐤 𝐩𝐚𝐭𝐫𝐢𝐜𝐢ë𝐫𝐬 𝐠𝐞𝐧𝐚𝐚𝐦𝐝 ) 𝐝𝐢𝐞 𝐥𝐞𝐞𝐟𝐝𝐞𝐧 𝐯𝐚𝐧 𝐡𝐚𝐧𝐝𝐞𝐥 𝐞𝐧 𝐚𝐧𝐝𝐞𝐫𝐞 𝐨𝐧𝐝𝐞𝐫𝐧𝐞𝐦𝐢𝐧𝐠𝐞𝐧 𝐝𝐢𝐞 𝐦𝐞𝐧 𝐫𝐢𝐣𝐤 𝐤𝐚𝐧 𝐧𝐨𝐞𝐦𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐛𝐞𝐬𝐭𝐮𝐮𝐫 𝐢𝐧 𝐝𝐞 𝐬𝐭𝐞𝐝𝐞𝐧 𝐢𝐧 𝐡𝐚𝐧𝐝𝐞𝐧 𝐡𝐚𝐝𝐝𝐞𝐧. 𝐙𝐢𝐣 𝐤𝐨𝐜𝐡𝐭𝐞𝐧 𝐛.𝐯. 𝐰𝐨𝐥 𝐨𝐩 𝐞𝐧 𝐯𝐞𝐫𝐤𝐨𝐜𝐡𝐭𝐞𝐧 𝐡𝐞𝐭 𝐚𝐟𝐠𝐞𝐰𝐞𝐫𝐤𝐭𝐞 𝐥𝐚𝐤𝐞𝐧. 𝐇𝐞𝐭 𝐳𝐨𝐮 𝐧𝐢𝐞𝐭 𝐥𝐚𝐧𝐠 𝐝𝐮𝐫𝐞𝐧 𝐯𝐨𝐨𝐫𝐚𝐥𝐞𝐞𝐫 𝐤𝐨𝐨𝐩𝐥𝐮𝐢 𝐝𝐞 𝐰𝐨𝐥 𝐢𝐧 𝐞𝐢𝐠𝐞𝐧𝐝𝐨𝐦 𝐡𝐚𝐝𝐝𝐞𝐧 𝐞𝐧 𝐝𝐢𝐞 𝐞𝐢𝐠𝐞𝐧𝐝𝐨𝐦 𝐛𝐞𝐡𝐢𝐞𝐥𝐝𝐞𝐧 𝐭𝐨𝐭 𝐡𝐞𝐭 𝐥𝐚𝐤𝐞𝐧 𝐤𝐥𝐚𝐚𝐫 𝐰𝐚𝐬. 𝐖𝐞𝐞𝐟𝐬𝐭𝐨𝐞𝐥𝐞𝐧 𝐛𝐥𝐞𝐯𝐞𝐧 𝐦𝐞𝐞𝐬𝐭𝐚𝐥 𝐞𝐢𝐠𝐞𝐧𝐝𝐨𝐦 𝐯𝐚𝐧 𝐝𝐞 𝐰𝐞𝐯𝐞𝐫𝐬 𝐝𝐢𝐞 𝐭𝐡𝐮𝐢𝐬 𝐰𝐞𝐫𝐤𝐭𝐞𝐧. 𝐄𝐞𝐧 𝐳𝐮𝐢𝐯𝐞𝐫𝐞 𝐯𝐞𝐫𝐡𝐨𝐮𝐝𝐢𝐧𝐠 𝐤𝐚𝐩𝐢𝐭𝐚𝐥𝐢𝐬𝐭-𝐚𝐫𝐛𝐞𝐢𝐝𝐞𝐫 𝐰𝐚𝐬 𝐝𝐢𝐭 𝐧𝐢𝐞𝐭 𝐦𝐚𝐚𝐫 𝐡𝐞𝐭 𝐬𝐭𝐨𝐧𝐝 𝐞𝐫 𝐧𝐢𝐞𝐭 𝐯𝐞𝐫 𝐯𝐚𝐧.”

Het belang van laken is deze aflevering goed weergegeven. In mijn blog leest u nog wat meer o.a. dat de kruistochten (de eerste leidde tot de verovering van Jeruzalem in 1099) de vermaardheid van het Vlaamse laken verspreidden.

𝒑𝒖𝒏𝒕 𝒗𝒂𝒏 𝒌𝒓𝒊𝒕𝒊𝒆𝒌 1

In de tweede blog bespreek ik het belang van de schapenteelt voor de wol en de lakennijverheid in Vlaanderen. In ‘het verhaal van…’ afl.4, spreekt men direct van import van Engelse wol. Dat kwam lang nadat de lakenproductie hier ontwikkeld was.

𝒑𝒖𝒏𝒕 𝒗𝒂𝒏 𝒌𝒓𝒊𝒕𝒊𝒆𝒌 2

Vlaanderen was in vergelijking met de rest van Europa verstedelijkt maar dat wil niet zeggen dat er niet veel boeren waren. Die kunnen in drie groepen ingedeeld worden. De horige boeren, de groeiende groep boeren die in toenemende mate de huur van hun land met geld betaalden en zelf land konden verwerven en tenslotte de vrije boeren, voornamelijk aan de kust. Er zijn in Europa op veel plaatsen vrije boeren blijven bestaan. Bv in Zwitserland, Noorwegen en het onnavolgbare IJsland.

Marc Reynebeau slaat in zijn blog op De Standaard de bal volledig mis als hij vindt het over de feodaliteit moest gaan. In het Vlaanderen van na 1000 à 1100 was de economische macht van de gewone adel ondergeschikt aan die van de steden. Het horigheidsstelsel ging er voortdurend achteruit. Dat was anders in bv. Frankrijk.

In mijn vierde blog over ‘klassenstrijd in Vlaanderen’ schreef ik over enkel opvallende feiten i.v.m. Vlaanderen in deze periode. Daaronder:

– 1099, eerste kruistocht, de verovering van Jeruzalem

Godfried van Bouillon, die net als zijn voorouders ook Middelnederlands sprak, had de leiding bij de verovering van Jeruzalem.

– Boudewijn IX, werd als Boudewijn I, keizer van Constantinopel, 1204-1205. Boudewijn (Valencijn, juli 1171-Bulgarije, 1205) was als Boudewijn IX graaf van Vlaanderen van 1194 tot 1205 en als Boudewijn I in de jaren 1204 en 1205 de eerste keizer van het Latijns Keizerrijk van Constantinopel.

– De Vlaamse Marco Polo, Willem van Rubroek, en zijn reis naar China, 1253-1255.

– Jacob van Maerlant, en de Spieghel Historiael, een middeleeuwse encyclopedist.

– Kunst

Zie: https://marcvermeersch.wordpress.com/…/1302…/

Marc Vermeersch – marc.vermeersch@gmail.com

Zie ook andere delen van deze reeks:
1302, Klassenstrijd in Vlaanderen (1, economie)
1302, Klassenstrijd in Vlaanderen (2, wol en landwinning)
1302, Klassenstrijd in Vlaanderen (3, sociale klassen)
1302, Klassenstrijd in Vlaanderen (4, invloed, kunst enz.)

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 3. (C) Waarom won het christendom?

Religie is een belangrijk cultureel fenomeen in menselijke maatschappijen. Daarom eerst algemene uitleg over het verschijnsel.

Een goede kaart die de verspreiding van het Christendom tussen het jaar 300 en het jaar 800 toont.

de vooroudercultus, de oudste religie

De oudste religie van de mens is de vooroudercultus. Judaïsme, christendom en islam zijn daaruit ontstaan. De vooroudercultus was tot voor kort de tweede grootste religie, vooral door de grote bevolkingen van China, Zuidoost-Azië en Korea. De grootste was het christendom, de derde grootste de islam. Religie is op de terugweg. In het Westen is er nog een kleine minderheid die gelooft in god. In de islamitische landen, Oost-Azië en sub-Saharaans Afrika groeien het deïsme (‘er is iets’) en het atheïsme sneller dan gelijk welke religie. Dit is waarschijnlijk te wijten aan de stijging van het onderwijsniveau. De materialistische Romeinse filosoof Lucretius (99 VOT-55 VOT) stelde bijna 2100 jaar geleden dat waar wetenschap verschijnt religie verdwijnt.  

In de vooroudercultus waren er echte banden geweest tussen levende voorouders (groot)vaders en (groot)moeders. Die band was reëel en zeer sterk. Het christendom vereerde wel een algemene voorvader, god de vader, maar de eigen (voor)ouders hadden er geen plaats. De beste ersatz was de verering van heiligen. Deze vervingen in het christendom voorouders en geesten. De heiligen werden aanbeden en hun hulp werd gesmeekt door gebed en offergaven.

Het volk had gedurende minstens tienduizenden jaren geloofd dat mensen, dieren (totemisme) en objecten (heilige eiken, rivieren, beren enz.) een ziel hadden. De verering van deze werd vervangen door de verering van christelijke heiligen die de macht werd toegekend om tussen te komen in het dagelijks leven van de gelovigen, net als de voorouders.

Een vraag is waarom het christendom na de Romeinse tijd er nog een paar eeuwen over deed voor de bevolking christen werd.  Waarom bekeerde de Vlaamse boeren zich slechts zeer langzaam (en lange tijd niet tot het christendom?

Algemene regel: gelovigen veranderen slechts uiterst zelden vrijwillig van geloof. Gedwongen bekeringen waren bij het christendom en de islam frequent. Ze vallen uiteen in twee praktijken: bekering met geweld en/of bekering door sociale druk. Wie zich niet bekeerde had geen gelijke rechten en werd vaak sterk gediscrimineerd.

Waarom langzame bekeringen?

  1. Omdat hun oude geloof aan hun noden voldeed. De Germaanse goden werden om bescherming en om steun gevraagd tegen vijanden en ziektes, steun voor goede oogsten, vette huisdieren en veel wild.
    Het christendom beloofde op dit punt hetzelfde als de Germaanse goden. Dat was geen reden om van geloof te veranderen.
  2. Het in de derde aflevering vertelde verhaal van de opgehangen Dotto die door Amandus, weer tot leven werd gewekt, kan wel indruk gemaakt hebben de aanbidders van de Germaanse goden. Het christendom maakte maximaal gebruik van mirakels om nieuwe gelovigen te werven en bestaande gelovigen te binden. Of dit een grote rol gespeeld heeft is vandaag moeilijk in te schatten maar een publiek dat zo al geloofde in geesten die allerlei machten hadden was er waarschijnlijk vatbaar voor.

Voordelen van de kerk

  • Het christendom had een geschoolde, geletterde, clerus. Dat is niet absoluut noodzakelijk om andersgelovigen te bekeren maar het is toch een voordeel. We mogen aannemen dat missionarissen als Amandus leerden argumenten gebruiken tegen het geloof van de ‘heidenen’ en dat dit mee, op lange termijn, het traditionele geloof ondermijnde.
  • De kerk was naar het model van de Romeinse staat hiërarchisch georganiseerd. Ze had een internationale structuur, bisdommen en parochies. Een gestructureerde kerk was uiteraard tot veel meer in staat dan een geloof waarvan we niet weten of het tussen de 6de en de 8ste eeuw nog druïden had. De Romeinse keizers Tiberius en Claudius hadden in de 1ste eeuw druïden verboden. Zonder een geletterde groep die de oude religie kon overdragen was deze sterk in het nadeel tegenover de kerk.
  • Het christendom bood echter iets wat geen van de traditionele religies, zowel de Romeinse, de Griekse, de Gallische als de Germaanse boden: de verlossing na de dood en de gelijkwaardigheid van alle zielen. Het christendom was een religie die zo beter aangepast was aan het Romeinse rijk met zijn talrijke subnationaliteiten en het groeiend aantal zich verspreidende religies. Deze punten droegen in belangrijke mate bij tot de vervanging van de traditionele religies door het christendom. Dat was in 313 toegelaten na een eeuwenlange vervolging. In 391 werd het de officiële religie werd van het Romeinse rijk. De vraag is in welke mate de boeren hier daar boodschap aan hadden.

De Frankische adel

De Franken waren al een hele tijd voor de verovering van België en Frankrijk ingedeeld in verschillende sociale klassen: adel met veel grondbezit, gewone vrije boeren en een klein aantal slaven. Na de veroveringen ontstond een embryonale staat. De adel had er belang bij de aanvaarding van één religie en begreep dat ook. Leden van de adel zouden vrij snel bisdommen en kloosters bevolken en leiden.

Het resultaat is bekend: onze gebieden bekeerden zich tot het christendom. Overblijfselen van het oude geloof zouden nog meer dan duizend jaar onder het volk blijven Leven. ‘Bijgeloof’ volgens de kerk. Voor een wetenschappelijk onderzoeker bestaat bijgeloof niet. Er is enkel geloof of niet-geloof.

Later zou Karel de Grote zijn gebied, tussen 772 en 804, proberen uitbreiden naar het noorden van Duitsland en de Saksen die daar woonden onderwerpen. De Saksenoorlog begon met het verwoesten van hun heiligdom in Irminsul.  Hun gebied werd veroverd en ze werden gedwongen zich te bekeren tot het christendom. Karel kreeg als bijnaam, de ‘Saksenslager’.

De kerk volgde in Europa een systematische politiek van kerstening. Vreedzaam als het kon met extreem geweld als het nodig was. De Karolingische renaissance van Karel de Grote belette hem niet om op een barbaarse manier de Saksen te onderwerpen. Verdient hij hetzelfde lot als Leopold II?

Dr. Marc Vermeersch – marc.vermeersch@gmail.com

In mijn doctoraat werkte ik uit wat de veranderingen bij de mens, Homo, waren die religie mogelijk maakten. Een zeer belangrijk aspect was dat dit nieuw soort dier steeds meer kennis moest doorgeven De kennis van de (voor)ouders doorgeven was een noodzaak geworden.

Marc Vermeersch, Doctoraat UGent, Om zich te reproduceren moet de mens zich ook ideologisch reproduceren, 2012. Promotoren, prof. dr. Rik Pinxten en prof. dr. Johan Braeckman, 25€ + 5 transportkosten.

Een uitgewerkte synthese vind je terug in:
Marc Vermeersch, De geschiedenis van de mens. Deel I, Jagers en verzamelaars. Boek 2, de maatschappij van jagers en verzamelaars, 472 pagina’s. ISBN 978 908 134 7716, 35€ Transport inbegrepen. Over religie: p.379-430.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: | 1 reactie

Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 3. (B) De bekering van de bevolking tot het christendom


De bekering van de bevolking tot het christendom

Schilderij van de Sint-Baafsabdij uit 1543 voor de verplichte afbraak op last van keizer Karel.

Het christendom verspreidde zich tijden de late Romeinse periode ook in ons land. Rome viel definitief in 476. Hoeveel christenen er na de verovering door de Franken hier bleven leven is onbekend. We mogen aannemen dat er waren en zij in contact bleven met de kerk in Frankrijk en Rome. Dat Clovis een christelijke vrouw had uit Boergondië zich liet dopen.

Clovis leefde tussen 465 en 511 .

Clovis’ vrouw was katholiek. Hij bekeerde zich ergens tussen het jaar 497 en het jaar 508. Dat had als voordeel dat hij de kerk in Rome en haar structuur achter zich had. In deze periode was de kerk verdeeld tussen katholieken en Arianen, een andere christelijke obediëntie. Een groot deel van zijn soldaten, van de Frankische adel, bekeerde zich samen met hem tot het christendom. Als de kerk circa 120 à 130 jaar later met o.a. Amandus (° in Aquitanië, Zuid-Frankrijk) een offensief opende om de bevolking hier te bekeren was dat omdat ze minstens voor een belangrijk deel in de Germaanse goden was blijven geloven. Dat moet ingehouden hebben dat de invloed van de adel niet groot genoeg was geweest om op religieus vlak door de boeren gevolgd te worden.

De kerk voerde gelijkaardige campagnes in Groot-Brittannië al was Ierland, dat nooit door de Romeinen was bezet eerder christelijk, zonder geweld, dan bv. Engeland.

Amandus

In de periode 629-639 probeerde Amandus de inwoners van de gouw Gent te bekeren. Hij botste op verzet en werd naar verluid een paar keer in het water gegooid. Dit offensief zou niet beperkt blijven tot Vlaanderen maar later ook verder naar het noorden in Nederland. Daar zou de Engelse monnik Willibrord (°658) in 690 aankomen met 11 of 12 andere monniken om er de Friezen, die toen een veel groter gebied controleerden,  te bekeren. Met andere woorden, 50 tot 60 jaar na de aankomst van Amandus in Vlaanderen was Nederland ten noorden van de Rijn nog een te bekeren gebied.

Wanneer ?

Amandus stichtte in Gent de Sint-Baafsabdij, een klooster aan de Portus Ganda, op korte afstand van de Sint-Pietersabdij. Enkele jaren na de stichting trad Allowin van Haspengouw in het Gandaklooster in en nam er de naam Bavo aan. Het klooster werd later naar hem genoemd.

Amandus stichtte ook de Sint-Pietersabdij,  is in Gent. Ze ligt op de 28 m hoge Blandijnberg (het hoogste punt van de stad), langs de oude loop van de Schelde, ook Muinkschelde (Monnikenschelde) genoemd. De abdij werd oorspronkelijk Blandinium genoemd. De abdij werd gebouwd op een terrein dat ooit zou toebehoord hebben aan een Gallo-Romein, genaamd Blandinus. De eerste abt was Florbertus van Gent, die door Amandus vanuit de abdij van Elnone (Sint-Amands-aan-de-Skarpe, FR) naar Gent geroepen werd.
Gent bestond in die tijd uit verschillende kernen die later tot een stedelijk gebied zouden samen smelten. Circa 160 jaar later werd Einhard, één van de grootste intellectuelen van zijn tijd abt

Einhard kwam uit het oostelijke, Duitstalige deel van het Frankische Rijk en kreeg zijn opleiding tussen 788 en 791 in de abdij van Fulda, in die tijd een belangrijk geestelijk centrum. In 794 stuurde abt Baugulf van Fulda hem naar het hof van Karel de Grote in Aken, waar hij een leerling werd van de Engelse geleerde Alcuin. Later gaf hij samen met Alcuin leiding aan de Akense hofschool. Einhard was de bouwmeester van een aantal belangrijke bouwwerken en gaf tevens leiding aan de zogenaamde Akense werkplaatsen, waar belangrijke producten van Karolingische edelsmeedkunst en ivoorkunst ontstonden. Hij was er ook bij toen Karel de Grote op 25 december in het jaar 800 door paus Leo III tot keizer gekroond werd. Dat Einhard aangesteld werd als abt in Gent, van de Sint-Baafsabdij en/of de Sint-Pietersabdij, wijst er op dat de stad toen economisch belangrijk geworden was.

Geplaatst in Uncategorized | 3 reacties

Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 3. (A) Wat ontbrak: Franken en Oud Nederlands

Aflevering 3 behandelt op een interessante manier de kerstening in Vlaanderen, de invallen van de Vikingen en het begin van het graafschap Vlaanderen. Er is v.w.b. het tijdperk na de Romeinse periode echter een gat zo groot als een belfort: de komst van de Franken en hun taal, het Oud Nederlands. Dat weglaten uit ‘het verhaal van Vlaanderen’ is een blunder.

Aan het einde van het Romeinse rijk, vanaf de 4de eeuw,  kwamen groepen Franken gedurende een lange periode naar wat vandaag Vlaanderen is maar ook naar Noordwest-Frankrijk en Wallonië. Oud Nederlands verving wat toen de taal van de boeren was. Dat zouden kunnen Laat-Gallische dialecten geweest zijn maar de gesproken taal in Frankrijk en Engeland aan het einde van de Romeinse tijd wijst daar niet op. Er zijn in Frankrijk nauwelijks sporen van wat Laat-Gallisch zou moeten geweest zijn. Het volk sprak een late vorm van Latijn, volkslatijn. Dat wordt ook omschreven als een Romaans dialect, dat naar Frans zou evolueren. Er bleef in de Franse steden een geletterde elite die nog Latijn kende. In Groot-Brittannië overleefden Gallische dialecten tot vandaag. In Cornwales, Wales en Schotland. We mogen redelijkerwijze aannemen dat dit ook in Engeland het geval was. Engeland onderging vanaf het einde van de 4de eeuw een invasie van Saksen (uit Noordwest-Duitsland), Angelen en Juten (uit Denemarken) en waarschijnlijk verhuisden ook wat Franken naar Engeland. Het was geen vreedzame invasie. Er werd gevochten voor de landbouwgronden.[1] Oud Engels dat toen voornamelijk op Nederduits gebaseerd was, zou de heersende taal worden. Later zou Noors invloed krijgen op het Engels en na 1066 het Fans. Via de kloosters en de clerus zou ook Latijn een belangrijke invloed hebben op het Engels.

Door de vrij recente komst van Franken naar Vlaanderen tijdens de 4de is het vrijwel zeker dat hun afstammelingen ook een vorm van Oud Nederlands in Vlaanderen spraken. Misschien werd nog wat volkslatijn gesproken in Tongeren, maar zeker in Doornik. De Laat-Romeinse cultuur verdween in Vlaanderen zo goed als volledig. De Romeinse villa’s waren verlaten. De boeren hadden tijdens de Romeinse periode zeer weinig te maken met de Romeinse cultuur. Hun landbouw evolueerde maar bleef wezenlijk maar niet fundamenteel in vergelijking met de periode voor de aankomst van de Romeinen. De herhaalde Frankische invasies vanaf de 5de eeuw hadden in ieder geval als resultaat dat Vlaanderen uniform Oud Nederlands ging spreken. De namen van gehuchten en dorpen waren Nederlands. Daar kunnen oude Gallische elementen in gezeten hebben. Men is bv. vrij zeker dat de oudste naam voor Gent, ‘Ganda’ was, een Gallisch woord. Het Romeinse legerkamp tegen de kust in Oostende dat vandaag Oudenburg heet, kreeg een nieuwe Nederlandse naam. (Als je inzoomt op het plan van Oudenburg zie je vandaag nog het oude Romeinse plan door het hedendaagse plan van Oudenburg).  De boeren die er tijdens de Romeinse periode leefden werden waarschijnlijk geheel of gedeeltelijk onteigend, misschien vermoord. Franken waren Germaanse krijgers. Germaanse stammen zouden in deze periode uit hun kerngebied herhaaldelijk op veroveringstocht gaan tot in het zuiden van de Rusland (de Gothen), Spanje, Noord-Afrika en Italië waar ze een einde maakten aan het West-Romeinse rijk. De Franken zouden Frankrijk veroveren o.l.v. Clovis. De ‘v’ met hier zoals in het Latijn en vandaag nog in Scandinavische talen als ‘w’ uitgesproken worden. Hij zou later via het gelatiniseerde Ludovicus, evolueren naar ‘Louis’. De Franse adel heeft altijd, d.w.z. tot vandaag voornamen blijven geven die van Germaanse oorsprong waren zoals Charles/Karel, Arnold/Arnaud, Louis enz.

Dr. Marc Vermeersch – marc.vermeersch@gmail.com


[1] Hanson, Marilee, The Anglo-Saxon Invasion, https://englishhistory.net/middle-ages/the-anglo-saxon-invasion

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

De eerste landbouwdorpen in China

Nanzhuangtou Cultuur, 9500 cal VOT-7450 VOT,
南莊頭遺址, Zuid-Hebei

Bij de oudste sites met bewezen sporen van landbouw horen Nanzhuangtou en
Donghulin. Deze sites werden gesticht door mensen die bij aanvang nog jagers en
verzamelaars waren en die iets later de stap naar landbouw zouden zetten.

Nanzhuangtou site, Hebei, 9500-7700 cal VOT

De overblijfselen van Nanzhuangtou lagen onder een veenlaag aan het Baiyangdian
Meer in Xushui County, Hebei. Het dorp was eerst bewoond door jagers en verzamelaars
die boeren zouden worden. Het lag in een alluviale vlakte i.t.t. dorpen uit de
vorige, laat-paleolithische fase, die op heuvels en bergen waren opgetrokken.
Men vond hier resten van de wilde voorloper van gierst, de groene naaldaar, Setaria
viridis, terug. Men begon er met de cultivatie van deze gierst. Gedurende een lange
periode nam het aantal gecultiveerde gierstgranen toe. Het is één van de oudste sites
met bewijs van gierstcultivatie die teruggaat tot 9500 VOT. Nanzhuangtou is de
oudst bekende landbouwsite in Noord-China. Tussen de vroege en de late fase van
het dorp veranderde de verhouding tussen wilde en gedomesticeerde gierst. Tussen
9000 en 7500 VOT ging de teelt van wilde gierst achteruit tot 38% van alle trosgierst
terwijl er al 46,8% gedomesticeerde trosgierst voorkwam. De rest kwam van verwante
granen. Men gebruikte er maalstenen en benen artefacten zoals elzen (priemen) en
pijlpunten. In Nanzhuangtou werden geen microlieten(13) aangetroffen. Er werden 47
potscherven gevonden, de oudste zijn van 8200 VOT. Men kookte voedsel in potten.
Twee grachten waren gevuld met afval.(14)

Donghulin site, omgeving van Peking, 9150-7450 VOT
De site Donghulin is gelegen in de Zhaitang Vallei van de Qingshui Rivier, ca. 78
km ten westen van Peking. 200 m² van de 3000 m² grote site werden opgegraven.
AMS-data(15) van houtskool, gecarboniseerde zaden en botten hadden een ouderdom
van 9150-8500 jaar VOT voor de oudste en 8500-7450 jaar VOT voor de jongste fase.
Klimaat
De gemiddelde temperatuur was er in die periode 2 à 3°C hoger dan vandaag. Het
was ook vochtiger. Deze warmere periode werd meermaals onderbroken door koudere
en drogere intervallen.
Landbouw en jacht
Tegen het einde van deze periode namen de grassen, waaronder gierst, toe. Het landbouwdorp
zou groter worden dan vroegere dorpen van jagers en verzamelaars en
men zou er langer wonen. Tijdens de oudste fase was 32,3% van de gierstgranen wild.
Dit daalde tot 14,7% tijdens de jongste fase. Het aantal gedomesticeerde granen steeg
van 36,2% in de oudste fase naar 51,4% in de jongste.
Er werden ook 10.000 dierenbotten en dierenbotfragmenten gevonden, voornamelijk
van zoogdieren als edelherten (Cervus elaphus), everzwijnen (Sus scrofa) en de
zwarte beer (Ursus thibetanus).(16)
Werktuigen
Op de site werden potscherven en een groot aantal stenen werktuigen gevonden waaronder
veel gepolijste bijlen, dissels, stenen platen en stampers. Er werd een mes gevonden
waar microlieten in een dierenbot waren gezet, één microliet ervan was bewaard.


Graven en halssnoer
Er werden skeletten van twee mannen en één van een jong meisje opgegraven. Er was
een halssnoer, gemaakt van slakkenschelpen, Neritina violacea, bij begraven. Er waren
eerste en tweede begrafenissen in Donghulin. Sommige doden werden na een eerste
begrafenis naar het dorp teruggebracht om er een tweede begrafenis te krijgen.(17)
Donghulin was een nieuw type dorp, een landbouw- of neolithisch dorp. Het was langer
in gebruik dan epipaleolithische(18) dorpen, het was groter en bijna permanent bewoond.

Dr. Marc Vermeersch – marc.vermeersch@gmail.com

Deze blog is overgenomen uit:

Boek 4, Marc Vermeersch, Geschiedenis van de mens, Deel II. Landbouwers en veetelers, Het ontstaan van landbouw en veeteelt in China en de verspreiding ervan in Korea, Japan en Zuidoost-Azië, p. 28-29.


Voernoten
13 Een microliet is een stenen werktuig gemaakt van vuursteen dat minder dan 3 cm lang is en minder dan 1 cm breed. (Wikipedia)
14 Xiaoyan Yang et al., Early millet use in northern China, March 06, 2012, PNAS, Vol. 109, N° 10, p. 3726–3730.
Kuzmin, Yaroslav V., Chronology of the earliest pottery in East Asia: progress and pitfalls, Antiquity, Oxford, 2006, 80, no. 308, p. 362.
15 AMS is de afkorting van Accelerator mass spectrometry (AMS), Versnellingsmassaspectrometrie.
en.wikipedia.org/wiki/Accelerator_mass_spectrometry#AMS_radiocarbon_dating
16 Xiaoyan Yang et al., Early millet use in northern China, March 06, 2012, PNAS, Vol. 109, N° 10,
p. 3726–3730.
17 Chaodong Zhao, Jincheng Yu, Tao Wang, Wu Xiaohong, Hao Shougang, Xueping Ma, Xueping Ma,
Zhengkai Xia, A Study on an Early Neolithic Site in North China, 2003, Documenta Praehistorica.
Li Liu en Xingcan Chen, The Archaeology of China. From the Late Paleolithic to the Early Bronze
Age, Cambridge University Press, 2012, p.52-54.
18 Het epipaleolithicum is de periode voor het neolithicum.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , | Een reactie plaatsen

‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 2, Romeinse Tijd

Maximale uitbreiding van de de Galliërs in Midden en West-Europa. Alleen in Groot-Brittannië zouden Gallischa talen blijven bestaan. Ook in Bretanje maar zij verhuisden uit Cornwales naar Bretanje na het vertrek van de Romeinen. Hallstatt was he oudste centrum van de Galliërs.

De tweede aflevering van ‘het verhaal van Vlaanderen’ over de Romeinse periode was goed. Ambiorix, de Eburoon, slaagde erin om 6000 à 7000 Romeinse soldaten uit te schakelen, in Aduatuca, Limburg, 54 VOT (voor onze tijd), een indrukwekkende militaire overwinning. Dat de Eburonen en hun bondgenoten dit konden wijst erop dat ze toch meer waren dan slecht bewapende boeren én dat Ambiorix een begenadigd bevelhebber was.

  1. In het jaar 9 OT (Onze Tijd) zou de Germaan ‘Herman/Arminius (zijn gelatiniseerde naam) in het Teutoburgerwoud 20.000 Romeinse soldaten uitschakelen. De voornaam ‘Herman’ is afgeleid van ‘Germaan’. In het Frans: ‘Germain’, in het Russisch ‘German’. Er is een equivalent v.w.b. voornamen voor ‘Romein’, ‘Romain’ in het Frans. Tot de 17de eeuw werd de voornaam ‘Romeyn’ gebruikt in de Nederlanden.

De slag in het Teutoberger Wald  werd verwerkt in twee films waaronder het excellente ‘Gladiator’ (2000, 5 Oscars, met Russell Crowe) en op Netflix in de reeks ‘Barbaren’, in het Latijn en Duits gesproken. Ik zag het eerste jaar en dat was goed. ‘Gladiator’ wordt vandaag, 13 januari, uitgezonden door VTM.

In deze aflevering werd terecht verteld dat er amper dorpen en geen steden waren voor de aankomst van de Romeinen. Toch verdienen de Galliërs een ruimere situering.

De Galliërs kwamen oorspronkelijk uit de Pontisch-Kaspische steppe, de bakermat van alle Indo-Europese volkeren. Ze trokken vandaar naar het westen en in de 8ste eeuw VOT  was hun kerngebied de Hallstatt Cultuur (vandaag Oostenrijk). Van daaruit zouden ze verder naar het westen trekken en werd ze de La Tène (een vindplaats in Zwitserland) Cultuur genoemd die bloeide tussen 450 VOT en de 1ste eeuw OT.

Galliërs slaagden er later in om over de Alpen te trekken en Rome te bedreigen. Het noordelijk deel van Italië werd toen overigens Gallia Cisalpina (betekent deze kant van de Alpen) genoemd omdat er Galliërs woonden die pas in 203 VOT veroverd werden door de Romeinen. 

Gallische stammen zouden in het Westen Frankrijk en grote delen van België bezetten, Groot-Brittannië, Ierland, het noordwesten van Spanje. Ze zouden op hun hoogte punt delen van de Balkan verover en doorstoten naar Anatolië. Andere takken van de Indo-Europeanen zoals de

Tot aan de aankomst van de Galliërs leefden in Midden-, West- en Zuid-Europa afstammelingen van de eerste boeren, die uit Anatolië kwamen. Ze werden later overspoeld werden door krijgers die Indo-Europese talen spraken, de Galliërs, Italiërs (die proto-Latijn spraken), de Germanen, Grieken, Albanezen. Deze groepen kenden landbouw, veeteelt maar vooral ijzerbewerking, ijzeren wapens, paarden en wagens waardoor ze militair zeer sterk waren.

Galliërs en Romeinen hadden dus dezelfde economische en militaire oorsprong. Hun gebied veroveren was voor de buitengewoon goed georganiseerde Romeinen geen sinecure.

De tegenstelling tussen Galliërs en Romeinen was er één tussen twee groepen die vechten hoog in het vaandel voerden. De zevenjarige campagne van Caesar (in de aflevering gelukkig met een ‘k’ uitgesproken.) moest niet veel langer duren want de Galliërs leerden militair zeer snel bij. Vercingetorix maakte nog een aantal fatale fouten tegen Caesar en werd definitief verslagen in Alesia.

Meer dan één historicus denkt dat indien de verovering van Gallië met de Romeinse overwinning in Alesia niet zou beklonken zijn dat de het mogelijk was dat de Galliërs verder noodzakelijke lessen zouden getrokken hebben en er misschien zouden in geslaagd zijn om de Romeinse verovering ongedaan te maken.

Bron:

Ugo Janssens, De Oude Belgen. Geschiedenis, leefgewoontes, mythe en werkelijkheid van de Keltische stammen. The House of Books, 2007, 285 pagina’s. Met uitgebreide bibliografie.

Met onder andere:

3. Alpen als draaischijf

22. Ambiorix’ list velt anderhalf legioen

25. Half Germaans, half Keltisch

Volgen citaat is euh … leuk. “Het feit dat Rome vanaf het keizerrijk België opsplitste in Germania Inferior (Linkeroever van de Rijn, Ardennen en de Kempen) en Belgica (Kuststrook, Oost- en West-Vlaanderen en Henegouwen) zou in grote lijnen kunnen overeenkomen met de respectievelijke invloedssfeer van de Germaanse en Keltische kerngebieden.” Met andere woorden: tweeduizend jaar geleden woonden Belgen voornamelijk in O.- & W.-Vlaanderen en de Germanen in onze gebieden de zone tussen het latere Aken en Keulen en in de Ardennen en de Kempen.

  1. De verovering van Gallië door Julius Caesar

Hét meesterwerk over de verovering van Gallië door Julius Caesar is:

Armand Sermon, Caesar tegen de Oude Belgen, Deel I – De Invasie. Mens & Cultuur Uitgevers, 2012, 435 pagina’s, formaat 21,3 cm x 30,2 cm.

Armand Sermon, Caesar tegen de Oude Belgen, Deel II – Aduatuca – Eborones – Ambiorix. Mens & Cultuur Uitgevers, 2012, 431 pagina’s, formaat 21,3 cm x 30,2 cm.

De auteur schreef een ongelooflijk gedetailleerd werk op wetenschappelijke basis over de verovering van Gallië. Hij schetst een beeld van de economie dat enigszins anders is dat dat van ‘Het verhaal …’ Voor de komst van de Romeinen was de ontwikkeling van de economie in het gebied van de stam van de Remi, ten zuiden van Wallonië. De stad Reims ontleent haar naam aan deze stam. “Het woongebied der Remi is misschien landschappelijk eentonig maar de gronden zijn licht en gemakkelijk bewerkbaar. Hun landbouwoverschotten maken hen vlug tot één der belangrijkste volkeren de Belgae. De snelle uitbreiding van de landbouwgronden, die maximaal bewerkt worden, levert voeding voor een bedrijvige ambachtelijke tewerkstelling. Dichtbij zijn immers de ijzerertsen uit de Ardennen en de Argonne. Al deze producten worden vervoerd over talrijke en centraal gelegen handelswegen over land en water. Op het einde van de –IIe eeuw / begin –Ie eeuw groeit de economie explosief.” De Remi en hun buren de Suessiones (Deel I, p. 63) sloegen hun eigen munten, hadden een koning en magistraten.

Caesar vermeldt de Remi. Zij besluiten niet te vechten en zich over te geven aan de Romeinen.  

er niet veel jaarlijkse campagnes moesten volgen voor de Galliërs de Romeinen zouden terugslaan. De prijs: 1 miljoen doden en 1 miljoen slaven. De Romeinen waren in meer dan één opzicht barbaren.

Dr. Marc Vermeersch   marc.vermeersch@gmail.com

Naast de in de tekst vermelde bronnen is ook zeer interessant

Het Gallo-Romeins Museum in Tongeren. https://www.galloromeinsmuseum.be/
Beslist een bezoek waard. Op de markt in Tongeren staat een standbeeld van Ambiorix. Tongeren is op zich een bezoek waard Je kan er stukken van de oude Romeinse verdedigingsmuur zien.

Andere bronnen

John Haywood, Atlas historique des Celtes, Editins Autrement, 2002,144 pagina’s.

Geplaatst in Uncategorized | Tags: , , , | 1 reactie

Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 1. ( C)

Kunnen vrouwen met boog en pijl schieten?


8. Amazonië. De Amazone Spelen. (73) Amazon games | SLICE l Full documentary – YouTube

(Minuut 33 van de video) In een wedstrijd schieten met boog en pijl staan 29 van de beste Indiaanse schutters tegenover elkaar. Ze moeten mikken op de tekening van een grote vis proberen raken. Zo verdient men punten. Er doet – buiten competitie- slechts één vrouw mee. Ze ziet er fors uit met een flink lijf en bovenarmen. Ze zal de enige zijn die het oog van de vis (60 punten) raakt. Een deelnemer zegt dat hij nog nooit een vrouw met boog en pijl heeft zien schieten. Een vrouw die in een fysieke competitie verschijnt en alle mannen vloert. Je ziet het niet elke dag. Dit voorbeeld bewijst dat vrouwen even goede jagers zouden kunnen zijn als mannen. Waarom namen vrouwen dan bij jagers en verzamelaars zelden deel aan de jacht? Ja, wel om dieren op te jagen naar een net. Bv. bij de Shoshone Indianen in de VSA of de pygmeeën in Kongo. De uitleg is voor Westerse wokers quasi onbegrijpelijk. Ik las ooit dat de man van een Eskimokoppel was omgekomen. De vrouw stond er alleen voor en moest de taken van haar man voor minstens een paar maanden opnemen. Tot de koudste periode van het jaar voorbij. Ze moest dus ook jagen om voldoende voedsel te bekomen voor haar en haar kinderen. Ze slaagde daarin en haalde de lente toen ze contact kon maken met andere Eskimo’s.
Tijdens de evolutie van de mens was een van zijn belangrijkste nieuwe ontwikkelingen: gesproken taal, grotere hersenen, sociale intelligentie, werktuigen maken en Theory of Mind. De mens accumuleerde kennis. Het werd een noodzaak om die kennis door te geven. In tegenstelling tot zijn naaste verwanten de Pan, ontwikkelde de mensheid een samenlevingspatroon dat gebaseerd was op het koppel. Daarbij ontwikkelde zich de liefde tussen man en vrouw die bij de mens sterk ontwikkeld werd maar bij zijn naaste verwanten, chimpansees en bonobo’s (Pan), nauwelijks bestaat al hebben deze laatsten veel seks.
Mensenkinderen hebben in vergelijking met hun nauwste verwanten een kindertijd die 5 à 6 jaar langer is en bij Homo sapiens langer dan bij Neanderthalensis. Gedurende heel hun jong leven leren mensenkinderen intensief. Zij zullen pas laat productief worden in jagen en verzamelen maar dan tussen hun 20ste en 40ste jaar een zeer hoge productiviteit halen, zowel mannen (voornamelijk als jagers) en vrouwen (voornamelijk verzamelaarsters). Beide vormde een eenheid met een sterke taakverdeling, het koppel. Vrouwen konden beter verzamelen dan de Pan o.a. omdat ze graafstokken (een van de oudste werktuigen van de mensheid) gebruikten om wortels en knollen op te graven. Voedsel dat Pan niet benutten. Mannen gebruikten werktuigen bij de jacht. Aanvankelijk om kleine dieren te vangen, aas te eten, later om met speren actief te jagen.

Taakverdeling hield ook in dat mannen de verdediging van het koppel, van de groep, waarin ze leefden, opnamen. De grootste vijand van de mens waren andere mensen. Een groep moest verdedigd worden als ze niet het risico wilde lopen uitgeroeid te worden. Bij menselijke jagers en verzamelaars was het aantal mannen dat een gewelddadige dood stierf maar een beetje lager dan bij chimpansees.

Een andere reden waarom vrouwen zo goed als altijd niet deelnamen aan de jacht was dat ze tegelijk voedsel verzamelden en op de kinderen pasten. Zwangere vrouwen waren na een tijd ook niet meer in staat om te jagen. De ontwikkeling van het koppel bij de mens had een belangrijke verhoging van hun productiviteit tot gevolg door specialisatie vrouwen voornamelijk door verzamelen, mannen voornamelijk door jagen. In tegenstelling tot Pan, gorilla’s en orang-oetans hadden de vaders een belangrijke rol bij de opvoeding van kinderen. Mensenkinderen kregen zo van bij hun geboorte een bi-culturele opvoeding (in de zin dat de cultuur van vaders en moeders kon doorgegeven worden), een groot voordeel.

Dr. Marc Vermeersch   marc.vermeersch@gmail.com

Zie ook:
Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 1. (A)

Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 1. (B)

Geplaatst in Uncategorized | 6 reacties

Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 1. (B)

6. Mietje Germonpré, voormalig assistente aan de VUB en auteur van vele zeer waardevolle artikels, o.a. over de domesticatie van de wolf, sloeg de bal toch mis als het ging over het uitsterven van Reuzenherten, holeberen, mammoeten enz. Dat zou aan klimaatverandering te wijten geweest zijn. Vandaag is dat een passe-partout oplossing. Ze is echter niet juist en het bewijs is gemakkelijk. Er bleven mammoeten leven op het eiland Wrangel in de noordelijke Ijszee tot ca. 2000 VOT. (Zie “First human settlements and the extinction of the woolly mammoth” in Wikipedia. Voor de Californische kust is een eiland waar dwergmammoeten bleven leven. Ze kwamen er waarschijnlijk op toen het zeeniveau tijdens de ijstijd veel lager stond. (Zie The Pygmy Mammoth – Channel Islands National Park (U.S. National Park Service) (nps.gov) en Pygmy mammoth – Wikipedia)

De megafauna verdween in veel gebieden in de periode na de aankomst van mensen. Een uitzondering daarop is sub-Saharaans Afrika. Een hypothese daarover is dat de megafauna zich kon aanpassen aan de jagende mens.

7. De ontmoeting in deze aflevering tussen Homo sapiens en neanderthalers was een zwak punt. De oudste migraties van Homo sapiens zijn 119.000 jaar oud.[1] Er was waarschijnlijk vanaf het begin vermenging. Na dit begin is de kans groot dat er nadien meerdere sorties uit Afrika naar Zuidwest-Azië waren van Homo sapiens. In onze streken kwamen ze verder via Rusland of via de Donau naar hier.
Het is uiteraard mogelijk dat Homo sapiensen hier aankwamen en nog nooit neanderthalers hadden gezien maar ze leefden al duizenden jaren samen in Europa en ze vermengden zich zo goed als zeker. In deze aflevering was goed verteld en onderzocht hoe dat zat bij Tom Waes. Hij was deels neanderthaler. Wij hebben allemaal neanderthalgenen ca. 2%.
Britt Makkinga merkte op mijn FB terecht op dat de groep neanderthalers die getoond werden “Eén man, twee vrouwen en twee kinderen; die overleven niet, daar heb je een grotere groep voor nodig.“ Jagers en verzamelaars leefden wereldwijd meestal in groepen van 15 tot 30. De omvang werd beperkt door het voedsel dat ze konden bekomen. In Australië leefden ze vaak in grotere groepen. Ik denk dat dit te maken had met de kangoeroes die genetisch niet aangepast waren aan de komst van Homo sapiens en die gemakkelijk konden gevangen worden. Verschillende soorten megafauna werden ook daar uitgeroeid. Nee, niet door klimaatverandering maar door de aboriginals.


[1] Marc Vermeersch, De geschiedenis van de mens. Deel I, Jagers en verzamelaars. Boek 1, van Pan tot Homosapiens, p. 234, 256-260.

Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 1. (A)

Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 1. ( C)

Kunnen vrouwen met boog en pijl schieten?

Geplaatst in Uncategorized | Een reactie plaatsen

Bespreking van ‘Het verhaal van Vlaanderen’, Aflevering 1. (A)

De uitzending ‘Het verhaal van Vlaanderen’ beroerde de geesten. De eerste aflevering zit er op. Ik vind het alles samen goed gemaakt en vlot gepresenteerd door Tom Waes. Jammer dat hij een Antwerps accent gebruikt. Kan dat echt niet zonder?

1. De inleiding, waarin gezegd werd dat Homo sapiens hier al 38.000 jaar geleden kan rondgelopen hebben, is een gemiste kans om de zaken in een veel breder perspectief te situeren. Bijvoorbeeld door te vertellen dat alle hedendaagse mensen voorouders hebben die zich eerst in Afrika ontwikkelden. Migratie van Homo sapiens naar Europa en Azië is veel ouder dan 38.000 jaar. Het zou nuttig geweest zijn om aan te geven dat mensen al bijna twee miljoen jaar geleden uit Afrika naar Europa trokken. Niet alleen naar Europa maar ook naar Azië. Vondsten in Dmanisi, Georgië, zijn zeer verscheiden en tot 1,85 miljoen jaar oud. Nog in Europa: “De toenmalige sites vindt men voornamelijk terug in Zuid-Europa, ten zuiden van de 50ste breedtegraad. Er zijn sites in Grenada (ES), Rochelambert, Mont-Coupet, Sept-Fonts en Saint-Eble (F) en Roemenië. De oudste sites in Spanje zijn ongeveer 2 M (M = miljoen) jaar oud: Galisteo, Talvera de la Reina en in de vallei van de Taag: Cortijo de Don Alfonos (bij Grenada). In Frankrijk: sites tussen 2 en 1,5 miljoen jaar oud: in Aquitanië (Sept-Fonts, vallei van de Isle), in Languedoc en de Provence. Het is echter in het Centraal Massief, in een vulkanische omgeving dat de belangrijkste sites zich bevinden. In Saint-Eble (vallei van de Allier) werden verschillende werktuigen gemaakt van kwarts gevonden die ouder zijn dan 2 M jaar. De laag met de werktuigen in Saint-Elbe ligt onder een vulkanische laag zodat de datering vrij precies kon gebeuren. In Rochelambert, Blassac en Chilhac werden primitieve werktuigen die tussen 2 M en 1,6 M jaar zijn gevonden. In Roemenië is een goed gedateerde sedimentaire context waarin stenen werktuigen voorkwamen. de site van Beroun (Bohemen, Tsjechoslowakije) heeft mogelijk een ouderdom tussen 1,5 M en 1,8 M jaar Er werden verschillende werktuigen gevonden. Het niveau van de steenbewerking komt overeen met het Olduvai. Er is geen enkele standaardisatie en geen enkele specialisatie van de werktuigen die nooit symmetrisch zijn. Ze lijken occasioneel voor direct gebruik gemaakt te zijn.”(281) [1]

(281) Eugene Bonifay, Les premiers peuplements de l’Europe, Histoire de la France préhistorique. Des origines a -500.000 ans. La maison des roches. 2002, p36-59.

Over de vondsten in Dmanisi:
De vijfde schedel van Dmanisi, 1,85 miljoen BP


2. Het is maar een detail maar toch. Is het in 2022 nog noodzakelijk om te spreken over ‘Voor Christus’ i.p.v. het alternatief ‘Voor onze tijd’? (In mijn boeken en blogs korte ik dit af als ‘VOT’). Jaartallen opgeven met ‘Voor Christus’ is voorbijgestreefd.

3. Interessant was dat vermeld werd dat het klimaat in het verleden vaak heel anders was, bv. toendra. Permafrost, dit is een bodem die permanent bevroren was, tijdens ijstijden. Het waterniveau van de zee zakte toen waardoor de Noordzee voor het grootste deel verdween. De huidige bodem stak boven het toenmalige zeeniveau. Doggerland zoals het noordelijk deel van deze laaglanden genoemd werd was meestal bebost en ook daar leefden mammoeten.  

Kaart (uit Wikipedia) die aangeeft dat de daling van het zeeniveau tijdens het Laatste Glaciaal Maximum (LGM) veel land boven zeeniveau bracht. Vooral de Noordzee, die bijna volledig verdween , zag verandering maar ook de Adriatische Zee stond voor de kleine helft droog.
https://en.wikipedia.org/wiki/Doggerland

Zie over paleoklimaat ook:
MIS: een indicatie voor het paleoklimaat
Klimaat. Middellandse 2°C warmer tussen het jaar 1 en 500 OT
Klimaat. Toen de Vikings in Groenland woonden was het er tamelijk warm Klimaat van China aan het begin van de landbouw

4. Er werd gesteld dat jagers en verzamelaars de “Drang (hadden) om te exploreren. Jachtgebieden te verplaatsen.”  Jagers en verzamelaars, boeren verhuisden slechts als ze moesten, als ze in een gebied niet voldoende voedsel vonden. Ze leefden meestal als nomaden die in tijdelijke kampen woonden en vaak niet mee als onderkomen hadden dan een windscherm. De uitzonderingen bevestigen de regel. Waar er een overvloed was aan vis en schaal- en schelpdieren was het vaak gemakkelijk om aan voldoende voedsel te komen. Deze jagers, vissers en verzamelaars bleven vaak gedurende tientallen jaren op dezelfde plaats wonen, bv. in het noordwesten van de VSA en Alaska of aan de Darling Rivier in Australië. De drang om nieuwe jachtgebieden te zoeken is m.i. enkel waar als er de nood was om dat te doen.

5.

Kaart die aangeeft hoe groot de lactose-intolerantie is; Landen in donkerblauw enden weinig veeteelt. Daar is de lactose intolerantie grootst. Bv. China, West-Azië. Van landen die wit bleven zijn geen gegevens ingevuld.

“In principe denk ik dat wij niet wezenlijk verschillen van de vroege moderne mens (…)” om dan even later te stellen “Wij zijn totaal los van de natuur.” (10de minuut) De mens is vandaag wezenlijk niet genetisch verschillend van Homo sapiens 38.000 jaar geleden maar hij is genetisch wel blijven evolueren. Wij zijn bv. door het drinken van dierlijke melk bijna allemaal, gemuteerd (door natuurlijke selectie) om na ons tweede levensjaar verder lactase aan te maken. Dit laat baby’s en peuters toe om lactose of melksuiker, af te breken.

Hoe kan die natuurlijke selectie gespeeld hebben? Doordat in periodes van grote honger sommige kinderen en volwassenen genen hadden die melksuiker (beter) verteerden, bleven ze leven en zich voortplanten. Kinderen en volwassenen die die eigenschap niet hadden stierven meer. Stap voor stap groeide het aantal mensen dat lactose-tolerant was, maar ook vandaag zijn er in het Westen mensen die lactose-intolerant zijn.

Aanpassing om lactase te blijven aanmaken kwam enkel voor bij volkeren die dierenmelk dronken. Dus niet bij de Chinezen en in sub-Saharaans Afrika enkel bij runderhoudende volkeren zoals bij de  Nilo-Saharaanse veehouders zoals de Tutsi.

Een andere genetische mutatie is dat het aantal mensen voor 99 à 99,5% gluten, dit zijn eiwitten afkomstig van granen, kunnen verteren. Mensen aten al lang voor de landbouw granen maar deze leidde tot een grote toename van graanconsumptie. Dit leidde ook tot een genetische aanpassing. Slechts 0,5 à 1% van onze bevolking kan geen gluten verteren.

Zijn wij “los van de natuur”? Het is maar hoe je het bekijkt. Het is evident dat wij niet meer leven als jagers en verzamelaars. Zouden wij dat nog kunnen? Zonder twijfel. Als we daarenboven hedendaagse werktuigen en kennis zouden gebruiken zouden we het in veel opzichten in kleine groepen beter doen maar de wereldbevolking zou ongetwijfeld sterk dalen wegens te weinig voedsel. Dat zou de ontwikkeling van landbouw en veeteelt erg nuttig maken.
We zouden dus zeker niet met 8 miljard kunnen leven als jagers en verzamelaars.  

Dr. Marc Vermeersch   marc.vermeersch@gmail.com


[1] Marc Vermeersch, De geschiedenis van de mens. Deel I, Jagers en verzamelaars. Boek 2, de maatschappij van jagers en verzamelaars, p. 150.

Geplaatst in Uncategorized | 1 reactie

Een revolutie: wereldbevolking daalt op termijn

Wᴀᴀʀᴏᴍ ᴢᴀʟ ᴅᴇ ᴡᴇʀᴇʟᴅʙᴇᴠᴏʟᴋɪɴɢ ᴅᴀʟᴇɴ?

Musa Hasahya leeft in Oeganda en heeft er 12 vrouwen en 102 kinderen. De aandacht die een dergelijke vader aan zijn kinderen kon besteden was niet overdreven veel. Zou hij al hun namen van buiten gekend hebben? Welke was de aandacht die hij aan elke vrouw besteedde? In gesprekken die ik had in Egypte en Marokko was de tevredenheid over polygame vaders en situaties van zeer slecht tot redelijk goed, nooit zeer goed. De jeugd kiest nu meestal voor een monogaam huwelijk en twee of drie kinderen. De moeilijke huisvesting in landen als Egypte noopt de jeugd er ook toe om veel later te trouwen en dus later kinderen te krijgen. Op de foto kan je lezen dat deze vader zijn 12 vrouwen aan de pil wil. Misschien vraagt u zich af hoe hij zijn 102 kinderen (geen record) laat slapen, eten en zich kleden? In dergelijke situatie moeten de vrouwen dat oplossen door zelf hun brood en dat van hun kinderen te verdienen. De kans is groot dan mijnheer geen klop uitricht. Zelfs as hij zeer veel zou verdienen, een groot inkomen gedeeld door 115… Daarvan is er niet genoeg voor iedereen.

Het teruglopen van de geboortecijfers is geen nieuw fenomeen. Het begon eerst ongeveer 40 jaar geleden, in economisch hoogontwikkelde gebieden als het noordoosten van de VSA, Californië en Japan. Het breidde zich uit tot alle continenten met uitzondering van sub-Saharaans Afrika en Afghanistan en een klein aantal andere landen. Afghanistan is economisch niet sterk ontwikkeld en zucht onder een wrede islamistische dictatuur. De positie van de vrouw is er bijzonder slecht nu de taliban de situatie willen terugdrijven naar die van de eerste periode dat ze aan de macht waren. Een verschil is wel dat vrouwen nu openlijk protesteren tegen de beperking van hun rechten, zeker het recht op onderwijs. In het buurland Iran is al maanden lang de grootste opstand in de geschiedenis tegen de religieuze dictatuur bezig. Honderden vrouwen hebben er hun leven geofferd om vrij en democratisch te leven en een hoofddoek te dragen als ze dat zelf wensen.

Grote veranderingen van de afgelopen decennia.

1. Verdere vooruitgang van de stijging van de levensstandaard. Wereldwijd steeg de levensstandaard verder. Sommige lezers zullen het moeilijk hebben om dat te aanvaarden. De reden is dat de productiviteit voortdurend stijgt. Machines worden beter, informatica stuurt productieprocessen, nieuwe beter grondstoffen vervangen oudere enz. In de jaren 1960 was India een land met veel honger, het was een typevoorbeeld van tekorten. Vandaag is India sterk geïndustrialiseerd, is de honger voor het grootste deel verdwenen al is er nog zeer veel armoede. Toch is de Indiase bevolking sterk gestegen, tot 1.375.000 inwoners. In 1968 dacht niemand dat een Indisch bedrijf, Mittal, de interessantste Europese staalbedrijven minder dan een halve eeuw later zou overnemen.

2. Verspreiding voorbehoedsmiddelen. De pil, een uitvinding van de Belg Ferdinand Peeters uit 1960-1961, condooms, spiraaltjes enz. boden de mogelijkheid om tot een gewenst aantal kinderen te komen. Families maakten er wereldwijd gebruik van om geen kinderen, een kind, twee kinderen en zelden meer dan twee kinderen te krijgen.

3. Meisjes meer naar school, hoger geschoold. Circa 20 jaar geleden moesten kinderen nog niet verplicht naar school in veel landen, bv. Egypte en Marokko. Dat is toen veranderd. Meisjes school laten lopen heeft revolutionaire gevolgen, zeker als er ook middelbaar onderwijs is. In het westen, maar ook in bv. Iran, studeren aan de universiteiten vaak meer jonge vrouwen dan jonge mannen. Dit alles heeft onvermijdelijk als gevolg dat de leeftijd voor het hebben van een eerste kind naar een latere leeftijd verschoven werd.

4. De afgelopen decennia steeg de tewerkstelling van vrouwen enorm. Daardoor werden zij financieel zelfstandiger. Dat vergemakkelijkte de keuze voor een beroepscarrière. Deze voorkeur vond men vaak in strijd met het hebben van een kind of meer kinderen en ook hier het hebben van kinderen op een latere leeftijd.

5. De afgelopen decennia zagen ook een verandering van de waarden die men belangrijk vond. Men koos voor ontspanning, sport, cultuur, reizen enz. Meer tijd, minder karweien. Dat leidde ook tot minder kinderen.

6. Vrouwen krijgen kinderen later. Door langer naar school gaan en het streven naar een carrière krijgen vrouwen hun kinderen in veergelijking met vroeger op latere leeftijd.

7. Brigitte Vdf Crombez gaf een zevende rede, op: de vermindering van de kwaliteit van het sperma van de mand. Ze verwees naar volgend artikel: https://www.eoswetenschap.eu/gezondheid/spermakwaliteit-daalt Zelf ben ik niet helemaal klaar met dit gegeven. Zouden mannen van sub-Saharaans Afrika, het continent met de meeste honger en de minst goede gezondheidszorg, beter sperma hebben? Of zouden mensen daar minder voorbehoedsmiddelen gebruiken.

Cijfers van 2014 over de geboorteratio’s wereldwijd. Die dalen in de meerderheid van de landen. De daling zette zich na 2014 verder. Klik op de kaart voor een groter beeld. Heel Europa, dus ook Rusland en Oekraïne, of alles wat blauw is krijgen een dalende bevolking. Opvallend: ook Marokko, Saoedi-Arabië, Iran, zuidelijk Afrika, Indonesië maar vooral het zeer volkrijke India en Bangla Desj.

Alleen in sub-Saharaans Afrika is er nog een sterke groei. En in Afghanistan. Dat moet niet verwonderen. De daling van de bevolking heeft veel (of bijna alles) te maken met de positie van de vrouw. Op de kaart (van Korakys) hieronder is het geboortecijfer van 2020 niet voldoende om de bevolking er op termijn in stand te houden. De landen met een middengroene kleur, met tussen 2 en 2,2 kinderen per vrouw kunnen de bevolking eventueel in stand houden. Toekomstige veranderingen van de geboorteratio zijn waarschijnlijk. Om een bevolking in stand te houden moeten er gemiddeld 2,1 kinderen per vrouw geboren worden.

Klik om te vergroten
Geboorteratio per jaar, 2020.

Het gemiddelde voor 192 landen 19,22 geboortes per 1000 mensen. Bron: The World Bank.
Voor een overzicht

De bevolking van Zuid-Korea zal in mekaar storten op termijn: 75% wordt niet vervangen. Japan en Italië zullen dat een beetje later meemaken. Andere belangrijke landen waar dit (in volgorde van lage coëfficiënt) een groot probleem wordt:
Spanje, Oekraïne, Griekenland, Portugal, China, heel Europa, Duitsland, Nederland, Rusland, België, Frankrijk, Brazilië, Noord-Korea enz.

Je mag uit de cijfers van Rusland afleiden dat Poetin alleen al om de slechte reproductiegraad van de Russische bevolking beter geen oorlog was begonnen. De Russische bevlking daalt al van tijdense de USSR.
Bron: https://www.theglobaleconomy.com/rankings/birth_rate/
Het is het beste om de cijfers daar te bekijken. Ze staan er overzichtelijk gerangschikt. Per land kan je doorklikken naar meer gedetailleerde gegevens.

Countries  Birth rate, 2020  Global rank  Available data 
Niger 45.21 1 1960 – 2020 Somalia 41.41 2 1960 – 2020 Chad 41.16 3 1960 – 2020 Mali 40.56 4 1960 – 2020 DR Congo 40.11 5 1960 – 2020 Angola 39.79 6 1960 – 2020 Burundi 37.76 7 1960 – 2020 Gambia 37.59 8 1960 – 2020 Nigeria 37.01 9 1960 – 2020 Burkina Faso 36.99 10 1960 – 2020 Mozambique 36.81 11 1960 – 2020 Uganda 36.67 12 1960 – 2020 Tanzania 35.98 13 1960 – 2020 Guinea 35.57 14 1960 – 2020 Benin 35.45 15 1960 – 2020 Zambia 35.44 16 1960 – 2020 Ivory Coast 35.17 17 1960 – 2020 C.A. Republic 34.88 18 1960 – 2020 Cameroon 34.42 19 1960 – 2020 G.-Bissau 34.01 20 1960 – 2020 Malawi 33.42 21 1960 – 2020 Senegal 33.42 22 1960 – 2020 Mauritania 32.84 23 1960 – 2020 Eq. Guinea 32.35 24 1960 – 2020 Liberia 32.35 25 1960 – 2020 Sierra Leone 32.35 26 1960 – 2020 Togo 32.33 27 1960 – 2020 Madagascar 32.15 28 1960 – 2020 R. of Congo 31.99 29 1960 – 2020 Sudan 31.49 30 1960 – 2020 Solomon Isl. 31.45 31 1960 – 2020 Ethiopia 31.44 32 1960 – 2020 Afghanistan 31.15 33 1960 – 2020 Comoros 30.95 34 1960 – 2020 S.T.&Principe 30.81 35 1960 – 2020 Rwanda 30.73 36 1960 – 2020 Gabon 30.26 37 1960 – 2020 Yemen 29.3 38 1960 – 2020 Tajikistan 29.23 39 1960 – 2020 Eritrea 29.22 40 1960 – 2020 Zimbabwe 28.98 41 1960 – 2020 Vanuatu 28.76 42 1960 – 2020 Ghana 28.6 43 1960 – 2020 Palestine 28.21 44 1990 – 2020 Iraq 28.14 45 1960 – 2020 Kenya 27.94 46 1960 – 2020 Namibia 27.66 47 1960 – 2020 Pakistan 27.38 48 1960 – 2020 Kiribati 27 49 1960 – 2020 Papua N.G. 26.52 50 1960 – 2020 Lesotho 26 51 1960 – 2020 Swaziland 25.4 52 1960 – 2020 Egypt 25.07 53 1960 – 2020 Uzbekistan 24.6 54 1960 – 2020 Kyrgyzstan 24 55 1960 – 2020 Guatemala 23.85 56 1960 – 2020 Samoa 23.85 57 1960 – 2020 Tonga 23.75 58 1960 – 2020 Botswana 23.65 59 1960 – 2020 Haiti 23.58 60 1960 – 2020 Algeria 22.78 61 1960 – 2020 Kazakhstan 22.76 62 1960 – 2020 Syria 22.71 63 1960 – 2020 Laos 22.66 64 1960 – 2020 Micronesia 22.61 65 1960 – 2020 Mongolia 22.56 66 1960 – 2020 Turkmenistan 22.35 67 1960 – 2020 Cambodia 21.56 68 1960 – 2020 Bolivia 21.19 69 1960 – 2020 Jordan 21.11 70 1960 – 2020 Honduras 21.06 71 1960 – 2020 Fiji 20.6 72 1960 – 2020 Djibouti 20.54 73 1960 – 2020 Belize 20.25 74 1960 – 2020 Paraguay 20.09 75 1960 – 2020 Philippines 19.89 76 1960 – 2020 Nicaragua 19.79 77 1960 – 2020 South Africa 19.77 78 1960 – 2020 Guyana 19.47 79 1960 – 2020 Nepal 19.26 80 1960 – 2020 Israel 19.2 81 1960 – 2020 Ecuador 19.19 82 1960 – 2020 Domin. Rep. 18.86 83 1960 – 2020 Cape Verde 18.64 84 1960 – 2020 Panama 18.45 85 1960 – 2020 Morocco 18.1 86 1960 – 2020 Suriname 18.05 87 1960 – 2020 Iran 17.94 88 1960 – 2020 El Salvador 17.83 89 1960 – 2020 Libya 17.81 90 1960 – 2020 Oman 17.78 91 1960 – 2020 Bangladesh 17.55 92 1960 – 2020 Peru 17.54 93 1960 – 2020 Indonesia 17.45 94 1960 – 2020 India 17.44 95 1960 – 2020 Venezuela 17.3 96 1960 – 2020 Burma 17.23 97 1960 – 2020 Lebanon 17.17 98 1960 – 2020 Mexico 17 99 1960 – 2020 Saudi Arabia 16.81 100 1960 – 2020 Bhutan 16.71 101 1960 – 2020 Argentina 16.64 102 1960 – 2020 Tunisia 16.6 103 1960 – 2020 Malaysia 16.43 104 1960 – 2020 Vietnam 16.12 105 1960 – 2020 Grenada 15.9 106 1960 – 2020 Seychelles 15.8 107 1971 – 2020 Jamaica 15.69 108 1960 – 2020 Turkey 15.53 109 1960 – 2020 Sri Lanka 15.25 110 1960 – 2020 Ant.& Barb. 14.88 111 1960 – 2020 Colombia 14.41 112 1960 – 2020 Brunei 14.08 113 1960 – 2020 St. Vincent & … 13.94 114 1960 – 2020 Bahamas 13.79 115 1960 – 2020 N. Caledonia 13.78 116 1960 – 2020 North Korea 13.78 117 1960 – 2020 Uruguay 13.62 118 1960 – 2020 Brazil 13.46 119 1960 – 2020 Costa Rica 13.4 120 1960 – 2020 Armenia 13.28 121 1960 – 2020 Bahrain 13.27 122 1960 – 2020 Maldives 13.06 123 1960 – 2020 Georgia 12.92 124 1960 – 2020 Faroe Isl. 12.9 125 1970 – 2020 Kuwait 12.62 126 1960 – 2020 Azerbaijan 12.5 127 1960 – 2020 Iceland 12.3 128 1960 – 2020 Tr.&Tobago 12.23 129 1960 – 2020 Chile 11.99 130 1960 – 2020 Aruba 11.84 131 1960 – 2020 Saint Lucia 11.66 132 1960 – 2020 Australia 11.5 133 1960 – 2020 Albania 11.45 134 1960 – 2020 Montenegro 11.4 135 1960 – 2020 New Zealand 11.32 136 1960 – 2020 Ireland 11.2 137 1960 – 2020 Palau 11 138 1990 – 2020 France 10.9 139 1960 – 2020 Sweden 10.9 140 1960 – 2020 USA 10.9 141 1960 – 2020 Macao 10.71 142 1960 – 2020 Barbados 10.6 143 1960 – 2020 Mauritius 10.6 144 1960 – 2020 Denmark 10.4 145 1960 – 2020 Slovakia 10.4 146 1960 – 2020 Czechia 10.3 147 1960 – 2020 Luxembourg 10.2 148 1960 – 2020 UK 10.2 149 1960 – 2020 UA Emirates 10.13 150 1960 – 2020 Cyprus 10.01 151 1960 – 2020 Thailand 9.99 152 1960 – 2020 Belgium 9.9 153 1960 – 2020 Estonia 9.9 154 1960 – 2020 Switzerland 9.9 155 1960 – 2020 Norway 9.8 156 1960 – 2020 Russia 9.8 157 1960 – 2020 Moldova 9.76 158 1960 – 2020 Netherlands 9.7 159 1960 – 2020 Hungary 9.6 160 1960 – 2020 Austria 9.4 161 1960 – 2020 Canada 9.4 162 1960 – 2020 Poland 9.4 163 1960 – 2020 Belarus 9.3 164 1960 – 2020 Germany 9.3 165 1960 – 2020 Qatar 9.23 166 1960 – 2020 Latvia 9.2 167 1960 – 2020 North Macedonia 9.2 168 1960 – 2020 Romania 9.2 169 1960 – 2020 Liechtenstein 9.1 170 1960 – 2020 Lithuania 9 171 1960 – 2020 Croatia 8.9 172 1960 – 2020 Serbia 8.9 173 1991 – 2020 Slovenia 8.9 174 1960 – 2020 Euro area 8.87 175 1960 – 2020 Malta 8.6 176 1960 – 2020 China 8.52 177 1960 – 2020 Bulgaria 8.5 178 1960 – 2020 Singapore 8.5 179 1960 – 2020 Bermuda 8.4 180 1960 – 2020 Finland 8.4 181 1960 – 2020 Portugal 8.2 182 1960 – 2020 Greece 7.9 183 1960 – 2020 Ukraine 7.8 184 1960 – 2020 Bosnia & Herz. 7.78 185 1960 – 2020 Spain 7.1 186 1960 – 2020 Italy 6.8 187 1960 – 2020 Japan 6.8 188 1960 – 2020 San Marino 6.4 189 2004 – 2020 Hong Kong 5.8 190 1960 – 2020 Puerto Rico 5.6 191 1960 – 2020 South Korea 5.3 192 1960 – 2020

Geplaatst in bevolking | Tags: , | 2 reacties